SCHILDERIJEN-AQUARELLEN. 18E eeuw

Hoe succesvol de Nederlandse schilders zich van hun taak hebben gekweten, blijkt wel uit de wederwaardigheden van hun doeken, wanneer die eenmaal uit hun oorspronkelijke context waren verdwenen. Ze zijn door de internationale kunsthandel naar alle uithoeken van Europa en Amerika verhandeld, waar ze door kapitaalkrachtige kopers met enthousiasme zijn toegepast als onderdelen van een nieuw samengesteld interieur.

De grote belangstelling voor die geschilderde kamers en zalen genereerde binnen de tekenkunst een nieuw genre: de kleurrijke ontwerpen voor al die wandvlakken, schoorsteenstukken, sopraportes en plafondschilderingen. De aquarel was daarvoor de meest geëigende vorm.

Vanzelfsprekend werden in Nederland in de 18e eeuw ook veel zelfstandige schilderijen geproduceerd. Een nieuw fenomeen zijn de pastels; de met gekleurd krijt geschilderde werken. Deze geven op een ideale wijze uiting aan een opgewekte en lichte sfeer die zo kenmerkend is voor de achttiende eeuw. Het panorama van het Nederlandse kunstleven was in de achttiende eeuw sterk internationaal georiënteerd. Veel kunstwerken van elders werden ingevoerd. Hoewel het verzamelen van eigentijdse buitenlandse schilderijen in ons land geen hoge vlucht heeft genomen. Dit in tegenstelling tot de import van porselein uit China, en vanuit Duitsland., maar ook Engels aardewerk, vanaf omstreeks 1770 onder andere van de fabriek van Josiah Wedgwood kwam in grote hoeveelheden naar ons land. Franse meubelen, pendules en horloges snuifdozen en bijouterieën , Engels verguld brons afkomstig van Matthew Boulton en meubelbeslag afkomstig uit Birmingham, behanselpapier, gelakt blik; de Nederlandse honger naar deze, uit het buitenland afkomstige nieuwigheden was niet te stillen.

De kritiek op de Nederlandse onderworpenheid aan buitenlandse modes en stromingen, die onder andere werd geuit in invloedrijke tijdschriften en bijeenkomsten, leidde aan het einde van de achttiende eeuw tot een herwaardering van het nationale verleden. Ook de praktijk van de schilderkunst begon sporen te vertonen van deze hernieuwde appreciatie. Schilders als de gebroeders Van Strij, Wybrand Hendriks, Adriaan de Lelie en jan Ekels II gingen in sommige werken heel bewust de dialoog aan met voorbeelden uit de Gouden Eeuw De initiatieven van deze kunstenaars zouden in de 19e eeuw uitmonden in een brede stroming binnen de schilderkunst, die daarmee een uitgesproken nationale kleur kreeg en tegelijkertijd weer meer in het centrum van de kunstproductie werd geplaatst.

Geheel ten onrechte heeft men lange tijd beweerd het 18e eeuwse Holland als geïsoleerd en zelfgenoegzaam te beschouwen. Bij alle nadruk op het eigen karakter van de Noord Nederlandse schilderkunst mag men niet vergeten dat vele kunstenaars, en niet de minste, geboren waren buiten de Republiek. Soms niet al te ver weg, en afkomstig uit de grensgebieden als Westfalen en Vlaanderen, maar ook van verder in Duitsland of Zwitserland.

AZIE-AMSTERDAM

Pottenbakkers, in Delft, meubelmakers en textielwerkers lieten zich door deze exotische luxe inspireren.

De grote rijkdom ging gepaard met de groeiende neiging onder de rijksten van de stad om hun welvaart openlijk te tonen in hun kleding en in de inrichting van hun huizen, waarbij de uit Azien afkomstige luxe goederen uiteraard een belangrijke rol speelden. Reizigers die Amsterdam aandeden waren verrast over de rijkdom aan porselein in de Hollandse huizen.

De aanvoer van Aziatische luxegoederen naar de Republiek verliep succesvol. Door het mechanisme van vraag en aanbod, werden de prijzen van dien aard dat steeds meer mensen zich Aziatische luxe konden veroorloven. Uiteraard had en heeft ! Elke kwaliteit zijn rpijs en de fraaiste stukken bleven en blijven kostbaren schatten.

Porselein kon men in Europa niet maken en waard daar enorm gewaardeerd vanwege de exotische uitstraling en technische perfectie. Die fascinatie komt verrassend goed naar voren bij de Delftse plateelbakkers, die met een wit glazuur en een blauwe decoratie op kunstige wijze het Chinese porselein nabootsten.

In de eerste helft van de zeventiende eeuw werd porselein veelal niet gebruikt als serviesgoed, maar ter decoratie in een woonvertrek. De voorwerpen werden uitgestald op een kast, op op een rand van een lambrisering.

Creativiteit van de Nederlandse zilvermid

Brandewijnkom

Tachtig jaar lang had de verbeten strijd van de nog niet één miljoen inwoners van het delta gebied van de Noordzee tegen het machtige Spanje geduurd.

Des te merkwaardiger is dat juist gedurende die hardnekkige oorlog de Republiek zich heeft ontwikkeld tot een machtige en welvarende handelsnatie, maar ook, en daar gaat het in dit verband om, tot een culturele mogendheid, die zijns gelijke in het buitenland nauwelijks kende.
Alle takken van kunst kwamen er tot grote bloei.

Ook gedurende de achttiende eeuw, toen de Republiek zijn positie als grote mogendheid begon te verliezen, bleef de artistieke productie op peil, zowel wat kwantiteit, originaliteit als kwaliteit betreft. Van een neergang in geen sprake. De architecten, beeldhouwers en vervaardigers van kunstnijverheid ondergingen weliswaar invloeden van buitenaf, maar zij wisten deze om te vromen tot iets geheel eigens, typisch Nederlandse kunst. Dit eigen karakter ging zelfs niet verloren tijdens de Franse overheersing van 1795-1813, die het einde betekende van de in die tijd nog altijd jonge Republiek.
Ook in deze periode bleef de Nederlandse kunstenaar volkomen zichzelf.
Elke provincie had zijn eigen karakter, dat ook tot uitdrukking kwam in de aldaar beoefende edelsmeedkunst Dat Holland van deze provincies veruit de meest invloedrijke gewest was, verklaart dat men, zeer ten onrechte, tot op de dag van vandaag het gewest Holland, nog altijd met Nederland identificeert.

ZILVER IS NIETS ANDERS DAN IN VORMEN GEKLOPT G E L D.

De waarde van het zilveren voorwerp hing voornamelijk af van het gewicht.
Het directe verband tussen zilver en geld is pas in de loop van de 19e eeuw langzamerhand verloren gegaan; een vergelijkbare situatie vindt men tegenwoordig bij diamanten, die ook, ten dele om hun schoonheid, maar tevens als geldbelegging worden gekocht.
Tussen zilveren munten, geld , en zilveren voorwerpen bestond niet veel verschil.
Het is dan ook niet verbazingwekkend, dat in het rijke Nederland van de 17e en de 18e eeuw een enorme hoeveelheid van vaak zeer grote zilveren voorwerpen is gemaakt; afgezien van hun schoonheid toonden zij even duidelijk als een zak met geld, de kapitaalkrachtigheid van hun bezitter.

DELFTS AARDEWERK MET CHINOISERIE DECOR

Vanaf 1602 importeerde de Verenigde Oost-Indische Compagnie Chinees porselein naar Nederland. In 1644 brak in China een oorlog uit die, hoewel van van huis, ingrijpende gevolgen zou hebben voor de aanvoer van Chinees porselein in Nederland. En voor de Nederlandse ceramiek productie.
Deze oorlog begon toen de Mantsjoes, een volk dat ten noorden van China leefde, het land op de Ming dynastie wisten te veroveren. Zij maakten Peling tot hun hoofdstad, maar in de Zuid Chinese kustprovincies konden de Mantsjoes hun gezag moeilijk vestigen.

Tussen 1644 en 1657 liep de import sterk terug, en zou daarna voor de komende dertig jaar stoppen..
Sinds het begin van de zeventiende eeuw werd er in Japan in kleine hoeveelheden porselein gemaakt. De VOC probeerde de verloren handel op te vullen met Japans porselein, beschilderd in Chinese stijl. Het Japanse product was echter aanzienlijk duurder dan het Chinese porselein.
Vooral de belangstelling voor polychroom gedecoreerd materiaal was zeer groot.

Tot 1680 zijn geen voorwerpen bekend met een (fabrieks-) merk of signatuur die betrekking heeft op de eigenaar of de werkplaats. Er waren vijf en twintig fabrieken in vol bedrijf met een enorme productie.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Vragen of opmerkingen

stodel@wxs.nl  of bel met +31 (0)20-623 16 92

 

 

Introductie Delfts Aardewerk

Delfts aardewerk behoort tot de belangrijkste Nederlandse producties uit de zeventiende- en de achttiende eeuw. Velen, particulieren en musea, in eigen land en daar buiten, hebben in de laatste anderhalve eeuw verzamelingen daarvan aangelegd.. Het is bijna vanzelfsprekend, dat de belangrijkste collecties van dit nationale product in Nederland bevindt. In het Rijksmuseum, het Haags gemeente Museum en op tal van andere plaatsen in den lande.

Was omstreeks 1850 er nog nauwelijks interesse meer voor Delfts, een spraakmakende tentoonstelling in 1863 in Delft zorgde voor een opkomende belangstelling voor het verleden.
Het opende de ogen voor een nieuwe groep geïnteresseerden. Vanaf die tijd werd het Delftse aardewerk op serieuze wijze verzameld en bestudeerd.

De Republiek der Verenigde Nederlanden, zoals Nederland toen officieel genoemd werd, was te midden van alle monarchieën in Europa beslist een fenomeen. Niet alleen omdat het een staat zonder koning was, maar ook omdat Nederland in de tweede helft van de 17e eeuw een economische en politieke macht van betekenis was, een klein land maar een grote mogendheid met een voortdurende stijgende welvaart.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Vragen of opmerkingen

stodel@wxs.nl  of bel met +31 (0)20-623 16 92

Mede dank zij deze verworven rijkdommen en de technische en economische voorsprong die Nederland op de andere Europese staten, zou het gemiddelde inkomen per hoofd van de bevolking nog lang de hoogste van Europa blijven. Ook was het verschil tussen rijk en arm in Nederland veel kleiner dan elders. Hierdoor bestond er een zeer brede, welvarende middenklasse, die zich allerlei luxe kon permitteren, een uniek verschijnsel in Europa.

Series schotels beschilderd met een paar, vergezeld met een amor en een aap, waarvan hier een exemplaar staat afgebeeld, moet in de zeventiende eeuw als versiering in het interieur bijzonder geliefd zijn geweest. Het zal bedoeld zijn op de rand van een lambrisering of op het beschot van een bedstede.
De kokers waarin deze voorwerpen werden gebakken, hadden oplopende maten, de grootste een diameter van ongeveer 50 centimeter. De diameter van schotels zijn dan ook zelden groter dan 48 centimeter.
Onder de meest uitzonderlijke stukken uit het midden van de 17e eeuw die onze firma in haar bezit heeft is deze schotel van een enorme afmeting.

Op de achterzijde is een tekst in zwarte inkt aangebracht; C.E. Jedelo, een goud- en zilversmid die ook in antiquiteiten handelde, gevestigd was op de Wijnhaven in Delft.
Hij was ook betrokken bij de spraakmakende tentoonstelling van Oudheden van de Provincie Zuid Holland te delft, gehouden in 1863. Maar liefst vier duizend voorwerpen werden ingezonden.

HET MEUBEL IN DE GOUDEN EEUW.

Vrijwel iedereen heeft een beeld van het interieur van het Nederlandse woonhuis in de 17e eeuw.
Er is geen andere historische periode waarvan we zo goed menen te weten wat we zouden aantreffen bij het binnengaan van een willekeurige woning. Dat idee is in de eerste instantie gebaseerd op de vele schilderijen uit die tijd waarop personen zijn afgebeeld, heel direct en soms intiem geobserveerd, omringd door hun meubelen en gebruiksvoorwerpen. Dergelijke voorstellingen hebben vooral in de late 19e en ook in de 20e eeuw als inspiratiebron gediend voor de interieurs die toen in 17e eeuwse stijl zijn samengesteld. Sommige zaken zijn te mooi voorgesteld, de marmeren vloeren en koperen kaarsenkronen bijvoorbeeld kwamen in werkelijkheid minder vaak voor. De schilders beeldden ze graag af omdat ze er hun bijzondere vaardigheden in de weergave en perspectief, licht effecten en fraaie materialen mee konden demonstreren. Vooral daarop waren kenners en het koperspubliek gespitst.

Soms zijn interieurs overdreven sober weergegeven; zo is er weinig te zien van de overdaad aan Chinees- en Japans porselein en andere exotische kunstwerken die in veel weelderig ingerichte huizen kenmerkte. Vermoedelijk werd het aantal kleurrijke, onrustige details bewust beperkt gehouden om de aandacht niet te zeer van de personen af te leidenMaar uit boedelinventarissen, waarvan de inhoud van een huis vaak per kamer wordt beschreven, blijkt dat de meeste vertrekken juist nogal vol en rommelig waren. Bovendien worden er geregeld allerlei typen meubelen vermeld die slechts bij hoge uitzondering op een schilderij te zien zijn, zoals linnenpersen of luiermandkasten.

 

Het ging om het oproepen van een sfeer, het scheppen van een beeld en niet om het vastleggen van allerlei details ten behoeve van de kijker van toen.Wie binnen wil kijken in authentieke onveranderde kamers uit de zeventiende eeuw heeft één uniek middel tot zijn beschikking: de poppenhuizen die in de late zeventiende eeuw door enkele rijke Amsterdamse dames zijn samengesteld en goed zijn gedocumenteerd
Waren dames in allerlei aspecten van het interieur geïnteresseerd, toch was hun aandacht vaak geconcentreerd op de aankleding van de vertrekken met behulp van stoffen en luxueuze of juist praktische voorwerpen, en op de aspecten van gebruik en comfort.


Bij de bouw en vormgeving van het huis, zowel van buiten als van binnen, waren mannen vermoedelijk het nauwst betrokken. Veel 17e eeuwse Nederlandse meubelen, zoals kasten en balpoottafels hebben een architectonische, robuuste uitstraling, alsof hun vervaardiging nauw samenhing met de bouw van hun huis.. Ze werden door mannen ontworpen, en wanneer ze door een gehuwd paar werden gekocht, was het de echtgenoot, die ervoor betaalde. Geschreven en gedrukte bronnen die daarover iets meedelen, versterken de indruk dat het een mannenzaak betrof, maar in werkelijkheid zullen vrouwen hun stem vaak krachtig hebben laten gelden.

Beeldenkast 1650 – uitgebreide beschrijving

BEELDENKAST, CARVED OAK, WITH AURICULAR ORNAMENTS, DATED 1650

Maar voor wie zou deze kast zijn gemaakt? Bekijk het stuk 

Dergelijke rijk uitgevoerde kasten, met een versiering die aanspoorde tot een deugdzaam leven, werden vaak vervaardigd ter gelegenheid van een huwelijk, of kort daarna, als belangrijkste stuk huisraad voor een jong echtpaar. De huizen waren in de eerste helft van de zeventiende eeuw doorgaans nog erg klein; de aangewezen plaats voor een grote kast was het voorhuis, de eerste ruimte waar men vanaf de straat binnenkwam en waar de bewoner vaak zijn zaken deed. Daar projecteerde een beeldenkast meteen een duidelijke boodschap aangaande de voorspoedigheid van de bewoners, hun smaak en voorliefde voor de regels van de klassieke bouwkunst, en hun moreel hoogstaande levenshouding. Het is echter onwaarschijnlijk dat de wapens van de steden Amsterdam en Hoorn op een echtpaar wijzen. Het ligt meer voor de hand dat de kast voor een overheidsinstelling of een andere organisatie is gemaakt die beide steden verbond. Hoorn neemt overigens een bijzondere plaats in binnen de geschiedenis van de Nederlandse beeldenkasten. Het enig bekende exemplaar dat is gemaakt als onderdeel van een vaste betimmering bevond zich in het Sint-Pietershof aldaar, een voormalig klooster dat in 1617 is verbouwd tot wooncomplex; deze kast is thans te bewonderen in het Westfries Museum in Hoorn.

Zulke kasten zullen dus zeker in Hoorn zijn gemaakt en daarnaast zal Amsterdam een belangrijk centrum voor de vervaardiging ervan zijn geweest. Bijzonder is dat de kast 1650 is gedateerd; meubelen van dit genre met een datum komen maar weinig voor. Het vroegste voorbeeld, uit 1622, bevindt zich tegenwoordig in het Metropolitan Museum of Art in New York. In 1650 had het type van de beeldenkast dus al een lange ontwikkeling doorgemaakt. De grondvorm bleef dezelfde, maar toch vertoont de kast uit 1650 allerlei vernieuwende elementen. Het fries is niet met decoratieve patronen gesneden maar met een doorlopende voorstelling van zeewezens te water – geheel passend bij de zeehaven Hoorn.

Een kast in het Rijksmuseum heeft een vergelijkbaar fries met een zee met schepen, vissen en dergelijke. Op dat meubel, dat 1659 is gedateerd, komen geen ‘beelden’ meer voor, maar gladde halfzuilen met slingers in de stijl van het Amsterdamse stadhuis, van 1648 tot 1655 gebouwd door de beroemde classicistische architect Jacob van Campen. De festoenen op de onderste laden van de kast uit 1650 verwijzen al naar diens stijl, evenals de strakke consoles met acanthusblad die het bovenblad van het meubel dragen. En dan laat diezelfde kast ook nog eens onmiskenbare elementen zien van de zogenaamde ‘kwabstijl’, een grillige, fantastische vormentaal die tot ontwikkeling was gebracht door de beroemde zilversmeden, de broers Adam en Paulus van Vianen. Op gebeeldhouwde eikenhouten meubelen zijn kwabmotieven nogal zeldzaam. De meest in het oog springende voorbeelden op de kast zijn de wapenschilden ofwel cartouches op de deuren. Zodoende is de kast een ware staalkaart van decoratieve stromingen in de eerste helft van de zeventiende eeuw: de makers hebben alles ‘uit de kast gehaald’ om er een uitzonderlijk pronkstuk van te maken

De herkomst van onze fantastische staande klok

Staande klok

Gaand en slagwerk op twee bellen, kwartierslag.Uitzonderlijk ajour gezaagd en geëtst koper met o.a. voorstellingen van de Amsterdamse stedenmaagd (front kap) en tenanten in de vorm van putti met de wapens van de Zeven Verenigde Nederlanden (weerszijden pilasters deur).
De zijkanten vertonen ornamenten naar ontwerp van Daniël Marot voorstellende de vijf zintuigen. Scheepjesmechaniek voorstellende de walvisvaart op Groenland. Bijzonder is het hondje in het kuifornament van de toog.
Herkomst: Amsterdam.

Maker: Joh. Elias.
Datering: ca. 1750 – 1760.
Kast: Eikenhout, belijmd met noten- en wortelnotenhout.
Afmeting: Hoogte totaal: 300 cm, incl. Atlas. Voetmaat: 65 x 71 cm.
Opmerking: Aangeboden op Veiling Frederik Muller & Cie, Amsterdam,
d.d. 27-29 juni 1905, kavel 447. Verkocht voor Fl. 240,–.
In 1959 verkocht aan Mw. Mr. J.S. Schiff-Rosenburg te
’s-Gravenhage voor Fl. 3.250,–.
Zie rekening Fa. Ten Boom, Den Haag 1959.

New accusition

Lorem ipsum dolor sit amet, consectetur adipiscing elit. Nam semper tincidunt orci eget dapibus. Fusce scelerisque felis vitae magna maximus, vitae egestas elit rhoncus. Vestibulum et euismod est. Pellentesque auctor augue fermentum justo blandit dictum. Duis fermentum scelerisque hendrerit. Fusce porttitor vitae dolor ac fermentum. Vivamus elementum porttitor ipsum. Nullam et egestas nibh, cursus tempus purus. Nulla ut urna vitae sem pharetra hendrerit. Nam tellus risus, malesuada vel maximus quis, accumsan in turpis. Sed tincidunt maximus tellus, at varius diam maximus nec. Donec eget risus laoreet, dictum ante id, sagittis risus. Sed porta eleifend mi at porta. Integer dictum bibendum ante at malesuada. Cras eget libero varius, placerat quam at, malesuada quam.

Sed elementum ullamcorper cursus. Nam condimentum dui id orci dignissim, ac lobortis turpis semper. Aliquam erat volutpat. Etiam consequat sodales diam, eu faucibus dui faucibus sit amet. Ut lorem nunc, pretium sed lacus quis, pellentesque venenatis mauris. In vitae rhoncus nisl. Duis ex justo, feugiat nec convallis eu, sollicitudin non nunc. Integer mollis laoreet velit. Integer ut vulputate ex. Vivamus ac velit lorem. Praesent sem nibh, scelerisque ac leo ac, malesuada egestas ex. Nullam lacinia, erat et condimentum tempus, leo neque gravida nisl, posuere semper ligula nibh sit amet odio. Class aptent taciti sociosqu ad litora torquent per conubia nostra, per inceptos himenaeos. Sed quis vehicula lorem. Sed ut pellentesque quam. Ut at libero lacus.

Pan 2017

Lorem ipsum dolor sit amet, consectetur adipiscing elit. Nam semper tincidunt orci eget dapibus. Fusce scelerisque felis vitae magna maximus, vitae egestas elit rhoncus. Vestibulum et euismod est. Pellentesque auctor augue fermentum justo blandit dictum. Duis fermentum scelerisque hendrerit. Fusce porttitor vitae dolor ac fermentum. Vivamus elementum porttitor ipsum. Nullam et egestas nibh, cursus tempus purus. Nulla ut urna vitae sem pharetra hendrerit. Nam tellus risus, malesuada vel maximus quis, accumsan in turpis. Sed tincidunt maximus tellus, at varius diam maximus nec. Donec eget risus laoreet, dictum ante id, sagittis risus. Sed porta eleifend mi at porta. Integer dictum bibendum ante at malesuada. Cras eget libero varius, placerat quam at, malesuada quam.

Sed elementum ullamcorper cursus. Nam condimentum dui id orci dignissim, ac lobortis turpis semper. Aliquam erat volutpat. Etiam consequat sodales diam, eu faucibus dui faucibus sit amet. Ut lorem nunc, pretium sed lacus quis, pellentesque venenatis mauris. In vitae rhoncus nisl. Duis ex justo, feugiat nec convallis eu, sollicitudin non nunc. Integer mollis laoreet velit. Integer ut vulputate ex. Vivamus ac velit lorem. Praesent sem nibh, scelerisque ac leo ac, malesuada egestas ex. Nullam lacinia, erat et condimentum tempus, leo neque gravida nisl, posuere semper ligula nibh sit amet odio. Class aptent taciti sociosqu ad litora torquent per conubia nostra, per inceptos himenaeos. Sed quis vehicula lorem. Sed ut pellentesque quam. Ut at libero lacus.